Steunpunten

Het Erfgoeddagprogramma in teken van Zorg staat online

FARO - do 23/03/2017 - 15:38
Op zondag 23 april is het zover. Dan zwaaien zo'n 600 erfgoedinstellingen en organisaties uit de zorgsector hun deuren open voor Erfgoeddag. Samen presenteren ze een veelkleurige waaier van 800 gratis activiteiten rond het thema Zorg. Het programma vindt u op www.erfgoeddag.be. Wist u dat u het programma kan bekijken dankzij de gratis ErfgoedApp die u kan downloaden via www.erfgoedapp.be? Zorg vroeger en nu? En wat met de zorg voor ons cultureel erfgoed? En hoe kan erfgoed bijdragen tot het welzijn van mensen? Ontdek het allemaal tijdens Erfgoeddag!  
Het programmaBent u benieuwd naar wat er allemaal op Erfgoeddag te beleven valt? Surf dan naar www.erfgoeddag.be en snuister door het programma door een activiteit op de kaart te zoeken of een trefwoord in te tikken.  De ErfgoedApp en Erfgoeddag vormen twee handen op een buik! Door de gratis ErfgoedApp te downloaden kunt u op een zeer eenvoudige manier het Erfgoeddagprogramma raadplegen. Of wilt u een programma op maat samenstellen? Dat doet u dankzij de functie Mijn programma. Hiermee selecteert u de activiteiten die u interesseren en met een druk op de knop 'print mijn programma' heeft u een gepersonaliseerd programma bij de hand.  Wedstrijd: welke remedies tegen kwaaltjes kreeg u mee van uw grootmoeder?U kan vanaf 23 maart tot en met 13 april melden welke remedies tegen kwaaltjes u meekreeg van uw grootmoeder. Dit kan via de Facebookpagina van Erfgoeddag: www.facebook.com/erfgoeddagvlaanderenbrussel. De prijs bestaat uit een vijfsterrenovernachting in het Taxandriamuseum te Turnhout. De winnaars worden bekend gemaakt tijdens het nationale persmoment van Erfgoeddag bij het Margritte Museum in Brussel. De jury bestaat uit psychiater Dirk De Wachter en zangers Guido Belcanto en Geena Lisa.  'Erfgoed’ + ‘goed doel’ = Erfgoeddoel Erfgoedzorg – het werk achter de schermen, behoud, beheer, registratie, restauratie, onderzoek … is duur en steun is dus welkom. De Erfgoeddoel-campagne wil de in erfgoed geïnteresseerde burger uitnodigen om zijn of haar goede doel te vinden, en zich ermee te verbinden. Surf naar www.erfgoeddoel.be, bekijk het promotiefilmpje en ontdek welke erfgoedinstellingen deelnemen. Het campagnebeeld werd vormgegeven samen met beelddramaturge Lise Bruyneel. De foto is van Carla van de Puttelaar, untitled, 2000. FARO-collega Silke Theuwissen finaliseerde het beeld.
 

Promotiefilm Erfgoeddag, van de hand van Linde De Nijs, studente animatie aan het KASK:

Bijlage:  persbericht_erfgoeddag_2017_definiief.pdf
Categorieën: Steunpunten

Nieuwe blog brengt verhalen over religieus erfgoed

FARO - do 23/03/2017 - 15:00

Met de nieuwe blog www.religieuserfgoed.be brengt het CRKC allerlei boeiende verhalen, weetjes of interessante publicaties over religieus erfgoed samen. Het CRKC is het expertisecentrum voor religieus erfgoed in Vlaanderen. Met de blog deelt het CRKC zijn ervaringen en projecten waarmee het bezig is.

Daarnaast bevat de website een aangiftemodule voor gestolen erfgoed uit kerken of kloosters. Het is belangrijk om informatie over gestolen voorwerpen publiek te maken, aldus het CRKC, zo kunnen ze sneller worden teruggevonden of worden ze minder interessant voor de kunstmarkt.

Naast deze blog behoudt het CRKC uiteraard nog de eigen website.

Categorieën: Steunpunten

Manchester kiest voor wellbeing van alle inwoners

FARO - do 23/03/2017 - 14:19

Ook in de toekomst willen de medewerkers van de learning and engagement teams van Manchester Art Gallery en Whitworth museum de demografie van Manchester weerspiegeld zien in het museum. Lopende samenwerkingsprojecten consolideren is een van hun grootste uitdagingen. En niet alleen van hen: deze doelstelling lijkt wel de mantra van vele Britse musea. De musea in Manchester die we vandaag bezochten, hebben op dit vlak al een en ander bewezen. Wellbeing staat daarbij hoog op de agenda.

Partnerschappen als sleutel tot succes

De Manchester Art Gallery wil heel bewust aanknopen bij de diversiteit van de stad, zowel wat betreft diverse leeftijden, socio-economische achtergronden, als etnisch-culturele diverse gemeenschappen. Een groot deel van de bevolking heeft banden met Zuid-Oost-Azië, in het bijzonder Bangladesh en Pakistan. Het museum, zo menen de medewerkers, moet in de toekomst deze diversiteit nog meer omarmen. Dat moet zichtbaar worden in de samenstelling van de personeelsploeg, in de manier waarop de collectie verder wordt opgebouwd in interactie met verschillende groepen, hoe tentoonstellingen worden gekozen en hoe samenwerking via langdurige en duurzame relaties worden opgebouwd.

Het aanbod is zeer verscheiden: er is een zaal exclusief voor jonge kinderen om kunst spelenderwijs te ontdekken, er zijn ESOL-lessen (English for Speakers of Other Languages) in het museum, en er zijn museum take-overs waarmee groepen zoals jongeren, age-friendly groepen of op termijn ook families, het museum kunnen overnemen.

"Het succes", meent Ronan Brindley, Head of Learning and Engagement, "staat of valt met de partnerschappen. Die tussenpersonen en organisaties heb je nodig, zij genieten het vertrouwen van de mensen die je in het museum wil binnentrekken, of het nu medewerkers zijn van kinderdagverblijven, van faciliteiten voor mensen met dementie, enz."

The Mindful Museum, het zou ook de andere naam kunnen zijn van de Manchester Art Gallery. Deze instelling was een van de pioniers om mindful denken ook toe te passen binnen de werking van het museum. De positieve impact van deze aanpak op bezoekers en de wil om het museum in te zetten als een veilige haven te midden van een steeds drukker wordende stad, liggen mee aan de basis van deze beslissing. Binnen het team werd zelfs een coördinator voor de mindfullprogramma’s aangesteld. In hetzelfde laatje past ook het Philosophy Café waar geïnteresseerden elke donderdagavond kunnen samenkomen om, met de collectie als vertrekpunt, te praten over belangrijke vragen in het leven.

"Musea", vertelt Ronan, "hebben een sociale rol. Zij kunnen mensen aansporen tot civic literacy.  Ze kunnen een veilige omgeving bieden waarin mensen proberen om zich te connecteren met hun omgeving." Voor de Manchester Art Gallery is dit een evidentie. Toch staat ook deze werking onder druk door besparingen. Meer moet met minder, op enkele jaren tijd daalde de personeelsploeg van 123 naar 71 medewerkers.

Experimenteren en samenwerken

Het Whitworth Museum staat voor een gelijkaardige uitdaging om in het museum een weerspiegeling te tonen van de samenleving. Na 18 maanden sluiting, werd het museum weer heropend in 2015. De sluiting gaf de mogelijkheid om veel te experimenteren, partnerschappen te sluiten en een aanbod te ontwikkelen dat op veel noden uit de samenleving inspeelt: op gezondheid en wellbeing, en op het tonen van diversiteit in de samenleving. Voorbeeld is het Grow-project, een gedifferentieerd aanbod voor kinderen van alle leeftijden, vanaf baby tot twintiger, waarbij de parkomgeving wordt geïntegreerd in de museale werking. De WYC (Whitworth Young Contemporary Group) mikt specifiek op jongeren tussen 15 en 25 jaar. Een groep jongeren kreeg de vrijheid een ruimte in te richten. And now we are plastic is het resultaat. Het tempo van het opleveren van samenwerkingsprojecten lag flink hoog bij de heropening. Maar nu is er de tijd om de vele inspanningen ook te evalueren en duurzaam te verankeren. Hoe men daarin slaagt, komen we in september 2017 met de groep museumeducatoren uit Vlaanderen te weten.

Categorieën: Steunpunten

Praktijkvoorbeelden tijdens studievoormiddag over collectieplan

FARO - wo 22/03/2017 - 21:36

Zou u graag een vormingsdag over het opstellen van een collectieplan voor erfgoedactoren in uw regio organiseren? Of zoekt u naar een tool om een organisatie of vereniging te begeleiden bij het opstellen van een collectieplan? Misschien wil u als eenmansarchief een langetermijnvisie voor uw collectie opmaken? U krijgt alvast heel wat inspiratie en tips tijdens de gratis studievoormiddag Een collectieplan? Ook voor kleinere organisaties! op 18 april in Brussel.

U krijgt er presentaties van het stadsarchief Mechelen, het Intergemeentelijke archief Poperinge-Vleteren, de Provinciale Bibliotheek Limburg, Erfgoedcel Land van Dendermonde en Erfgoedcel Brussel. Het volledige programma en hoe u zich kan inschrijven vindt u elders op deze website.

Categorieën: Steunpunten

De stad als collectie

FARO - wo 22/03/2017 - 11:57

Onder de noemer ‘Collecting Birmingham’ zoekt Birmingham Museums (BM) – de roepnaam voor een bonte verzameling van acht uiteenlopende musea – de verbinding op met de omringende stad. Dat het museum niet als een eiland te midden van de bonte metropool kan opereren, daar zijn onze gesprekspartners van vandaag het roerend over eens. Via ‘Collecting Birmingham’ onderzoekt BM hoe ze verhalen, persoonlijke objecten … die tekenend zijn voor (de bewoners van) Birmingham, een plek kunnen geven in de collectie van het museum zodat deze een weerspiegeling – of representatie – kan worden van de diversiteit in de stad.

In Soho House (een van de acht musea) wordt bijvoorbeeld het verhaal van Mrs. Eunice verteld. Deze vrouw migreerde in de jaren 50 naar Birmingham vanuit Jamaica, maar ondervond toen in die tijd zeer veel racisme. Desondanks maakte ze zich sterk en bouwde ze haar eigen bedrijf uit. Inmiddels kijken ontzettend veel mensen naar haar op, waaronder ook Mariella. Mariella is een behoorlijk jonge vrijwilligster in BM en heeft zelf Jamaicaanse roots. Ze kreeg de kans om deze tentoonstelling mee vorm te geven nadat het museum hiertoe een oproep lanceerde. Het toont de oprechtheid van BM aan wanneer ze spreken over ‘co-production’ als pijler van het museum. Het is ontroerend om Mariella te horen spreken over hoe belangrijk ze het vindt zich hiervoor vrijwillig in te zetten. “Ik wil een verschil maken”, zegt ze. Wat een spirit!

Tijdens deze eerste lentedag nemen Toby, Andrew en Rosie mijn collega Katrijn D’hamers en mezelf verder op trektocht doorheen de visie en werking van Birmingham Museums. Bij ieder onderwerp dat we aansnijden trekken ze een flinke spreekwoordelijke lade open van acties die ze ondernemen. Toch weerklinkt steeds hoe hard zij – maar eigenlijk iédereen in de stad – getroffen worden door enorme besparingen. Ze blinken daardoor ondertussen uit in het opzetten van activiteiten waarbij ze slechts een minimum aan middelen hoeven in te zetten. En het aangaan van nieuwe en sterke partnerschappen blijkt de gouden sleutel te zijn om toch (te trachten) te blijven excelleren.

In september komen Katrijn en ik hopelijk in Birmingham terug met een flinke groep museummedewerkers uit Vlaanderen en Brussel. We kijken er al naar uit om ons ook dan verder te verdiepen in de educatieve werking van BM – onder meer in Museum in a Box. Ook zullen we dan verder het gesprek aangaan over de omgang van BM met de diversiteit in/van de stad. We kunnen haast niet wachten!

Categorieën: Steunpunten

Voor u gelezen: De grote slachting 1914-1919 van Tardi en Verney

FARO - wo 22/03/2017 - 11:37

De voorbije jaren publiceerde FARO geregeld recensies van een WOI-publicatie op faronet.be. In Nederland houdt EersteWereldoorlog.nu er een gelijkaardige rubriek op na. FARO en EersteWereldoorlog.nu slaan de handen in elkaar en publiceren voortaan ook elkaars recensies. De eerste recensie uit Nederland is van de hand van Kees Ribbens (NIOD). Hij las voor u het stripboek 'De grote slachting 1914-1919' van Tardi en Verney.

De Eerste Wereldoorlog in strips

In de aanzwellende productie stripverhalen over de Eerste Wereldoorlog neemt het werk van Jacques Tardi een vooraanstaande plaats in. Toen de Grote Oorlog nog lang niet de ruimschootse aandacht kreeg die kenmerkend is geworden voor het huidige centenaire werkte hij al gestaag aan een stripoeuvre waarin de rauwe werkelijkheid van het strijdverloop in Frankrijk centraal stond. Recent verscheen een Nederlandse vertaling van zijn stripalbum Le dernier assaut. Deze jongste publicatie sluit vrij naadloos aan bij zijn eerdere werk.

Een belangrijke bouwsteen in het door Casterman zorgvuldig uitgegeven oeuvre wordt gevormd door het nog altijd leverbare album De Grote Slachting 1914-1919. De titel laat geen misverstanden bestaan over de manier waarop Tardi naar de Eerste Wereldoorlog kijkt, terwijl de jaartallen lijken te benadrukken dat er een historisch overzicht wordt geboden. Inderdaad wordt de lezer in het bestek van ongeveer negentig bladzijden meegevoerd langs een panorama dat wordt verdeeld over de vijf oorlogsjaren en het jaar 1919. De hoofdstukken openen telkens met twee patriotistische, zoniet propagandistische citaten van Franse tijdgenoten. De verheven en al te enthousiaste toon van deze zinnen staat in sterk contrast met de verbeelding van de oorlog zoals Tardi ons laat zien.

Verbeelding van een hel op aarde

Hoofdpersoon is een naamloze metaaldraaier uit het 20e arrondissement van Parijs die met een continue mondelinge toelichting zijn ervaringen vanaf de mobilisatie belicht. Hij voert de lezer langs het oorlogsenthousiasme uit de vroegste dagen van de oorlog in zowel Parijs als Berlijn, waarna hij de lezer al snel confronteert met de harde werkelijkheid waarin manschappen aan beide zijden sneuvelen. Al voor het zover is, heeft de Franse soldaat in zijn begeleidende tekst duidelijk gemaakt hoezeer hij afkerig is van de alom aanwezige geestdrift voor de aanstaande strijd.

Naarmate de geschiedenis van de strijd aan het westelijk front zich verder ontrolt wordt de pessimistische overtuiging van de anonieme soldaat steeds meer bevestigd. De oorlogshandelingen in de loopgraven, die in latere decennia zouden uitgroeien tot symbool van een hel op aarde, worden uitvoerig en aangrijpend in beeld gebracht. Zoals de gevolgen van de oorlog nietsontziend waren voor mens, dier en landschap, zo brengt Tardi ook het gewelddadige gewoel zonder noemenswaardige terughoudendheid voor het voetlicht.

In dit stripverhaal zijn bommen en granaten geen abstracties maar concrete wapens die op grote schaal menselijke ellende veroorzaken. Afgerukte ledematen worden zonder opsmuk getoond evenals de lijken die door maden en vliegen worden opgegeten. Het grauwe en sombere bestaan in en achter de loopgraven schetst Tardi vooral in grijstinten, al begint hij zijn verhaal veel kleurrijker. Nadat de kleur verdwijnt uit enkele losse kaders domineren vervolgens de grauwe maar daardoor niet minder aansprekende bladzijden. Zijn tekenstijl past daar uitstekend bij en werkt in alle somberheid zeer krachtig. Pas bij een parade ter gelegenheid van de wapenstilstand keert kleur eind 1918 uitbundig doch kortstondig terug – maar het is moeilijk om daar dan nog vreugde of opluchting bij te ervaren.

Ondanks het betrekkelijk uitvoerige commentaar van de vertellende hoofdpersoon krijgt de lezer weinig grip op diens bestaan, beiden lijken daarmee in zekere zin veroordeeld tot een positie aan de zijlijn. De naamloze soldaat is echter wel degelijk begaan met zijn lotgenoten, zo nu en dan ook wanneer deze als vertegenwoordiger van de vijand verschijnt. Maar opmerkelijk genoeg treedt er in de geestesgesteldheid van de hoofdpersoon nauwelijks enige verandering op in de loop van het verhaal, hooguit worden zijn gevoelens - veelal enigszins onderkoeld verwoord - versterkt door de aanhoudende miserie van het uitzichtloze conflict. In zijn taalgebruik schuilt nog enige variatie – soms spreekt hij over moffen dan weer over Duitsers, een enkele keer over Hunnen – maar de eenduidigheid van een achteraf gestolde visie op de gebeurtenissen lijkt te overheersen.

Ontsteltenis en pessimisme

Het geschetste panorama is veelzijdig, voert langs de koloniale troepen van Fransen en Britten, toont zowel de luchtoorlog als de inzet van de eerste tanks, attendeert op de gasoorlog en brengt evenzeer de komst van de Amerikanen in 1917 in beeld. Het als muiterij opgevatte gemor van uitgeputte Franse militairen, door een rigoreuze legerleiding beantwoord met de inzet van fusilladepelotons, wordt treffend gevisualiseerd met het portret van hoge officieren tegen de achtergrond van opeengestapelde skeletten en doodshoofden.

Daaruit, en uit diverse andere voorbeelden van verachting en onbegrip, spreekt niet alleen de kloof tussen leidinggevenden in de krijgsmacht en de nederige uitvoerders in de loopgraven maar evenzeer de woede van Tardi over de ongekende aantallen levens die geofferd werden. Lezing van De Grote Slachting kan eigenlijk niet tot iets anders leiden dan ontsteltenis over het feit dat mensen systematisch in staat bleken elkaar deze gruwelen aan te doen. Pessimisme is derhalve gerechtvaardigd. Maar de identificatie van de auteur met de gewone man in de loopgraaf - die in de ronduit erbarmelijke omstandigheden cynisch is over zijn superieuren, over de regering, over de kerk en het grootkapitaal, over de propaganda, wellicht zelfs over iedereen die in relatieve veiligheid denkt te verkeren – biedt weinig tot geen houvast voor de lezer die zich afvraagt waaruit de aanvankelijke of uiteindelijke motivatie van de verschillende geledingen uit de strijdende partijen dan toch bestond.

Verrijking van het geschiedbeeld

Tardi claimt niet als historicus op te treden maar de kloeke titel van zijn boek wekt niettemin die suggestie van een historisch standaardwerk. Zijn stripverhaal is een onmiskenbare verrijking van het geschiedbeeld, ook omdat hij in het laatste hoofdstuk over 1919 duidelijk maakt hoezeer de oorlog ook na de wapenstilstand doorwerkte. Daar spreekt de verteller rechtstreeks tot uiteenlopende individuele ooggetuigen van de oorlog, zowel overlevenden als omgekomenen, soldaten en burgers, mannen en vrouwen, volwassenen en kinderen, officieren en soldaten, Fransen en Duitsers. Deze impressies zijn gebaseerd op een gedegen documentatie. Maar de zwart-witweergave die recht wil doen aan de wrange ervaringen van de gewone man gaat daarmee voorbij aan de soms complexe motieven van degenen die de strijd aanvingen en gaande hielden en aan de opvattingen en ideologieën waaraan burgers en soldaten ondanks alles toch enig, ongetwijfeld wisselvallig geloof hechtten.

De grote slachting is voorzien van een ruime bijlage (bijna 40 pagina’s) waarin Jean-Pierre Verney de geschiedenis van de Eerste Wereldoorlog in een ruimer internationaal kader plaatst. Deze tekst draagt, zij het vooral vanuit een Frans perspectief, bij aan een beter begrip van de hoofdlijnen van het conflict maar brengt het perspectief van de miskende frontsoldaat niet in evenwicht met een genuanceerde visie op de destijds relevante motieven van de heersende klasse. Korte staatjes per jaar noemen de belangrijkste veldslagen en sommen bovenal de aantallen doden, gewonden en vermisten op per land. De daarbij verspreid afgedrukte zwart-witfoto’s onderstrepen de realiteit van de door Tardi treffend verbeelde geschiedenis maar slagen er niet in de lezer op even krachtige wijze in het verleden te trekken. Met de overtuigingskracht van Tardi’s beeldverhaal is het dan ook moeilijk concurreren.

Tardi en Verney, De grote slachting 1914-1919. Casterman, 2010, 134 blz. ISBN 978-90-303-6356-9

De recensent
Kees Ribbens is onderzoeker bij het NIOD Instituut voor Oorlogs-, Holocaust- en Genocidestudies en hoogleraar aan de Erasmus Universiteit in Rotterdam.

EersteWereldoorlog.nu
Deze recensie verscheen eerder op www.eerstewereldoorlog.nu. Dat is het officiële platform voor de honderdjarige herdenking van de Eerste Wereldoorlog in Nederland.

Categorieën: Steunpunten

Filmpje | Wat is het nut van nationale bibliotheken?

FARO - wo 22/03/2017 - 10:22

De Jewish Book Week is een internationaal cultuurfestival dat jaarlijks plaatsvindt in Kings Place in Londen. Een van de vele evenementen tijdens de editie van dit jaar was een zeer interessant gesprek over het nut van nationale bibliotheken. Roly Keating, directeur van de British Library, en Aviad Stollman, hoofd collecties van de Nationale Bibliotheek van Israël, gingen in discussie over open access, de herkomst van collecties, uitdagingen op het vlak van acquisitie, digitale duurzaamheid, betrokkenheid van het publiek en het belang van de bibliotheken als 'civic hubs'. U kunt het debat hier bekijken.

Categorieën: Steunpunten

Mental Health First Aid, ook voor erfgoedprofessionals

FARO - di 21/03/2017 - 17:00

Als u als erfgoedprofessional duurzaam wilt samenwerken met een organisatie in de geestelijke gezondheidszorg, is het belangrijk dat u inzicht hebt in geestelijke gezondheid. En dat u weet hoe u moet reageren in eventuele crisissituaties. Omdat ik al enige tijd nauw samenwerk met organisaties in de geestelijke gezondheidszorg, nam ik samen met Ans Van de Cotte van Erfgoedcel Viersprong deze maand deel aan de Nederlandse versie van de cursus Mental Health First Aid (MHFA).

Tijdens een tweedaagse cursus op het indrukwekkende landgoed De Grote Beek van GGZ Eindhoven leerden we op een interactieve manier over de meest voorkomende psychische problemen en aandoeningen. Bovendien werd ons getoond hoe we specifieke communicatieve vaardigheden kunnen inzetten om signalen te herkennen en adequaat te kunnen handelen in een crisissituatie. De cursus wordt afgerond met een openboekexamen dat binnen de zes maanden moet ingeleverd worden.

Interessant was ook dat er met cursisten en lesgevers gepraat werd over de psychische kwetsbaarheid en de misverstanden die daarover bestaan. Het bespreekbaar maken én de verdere vermaatschappelijking van de zorg zijn essentiële voorwaarden om de taboes en vooroordelen rond geestelijke gezondheid te slechten. Onderstaand filmpje geeft meer informatie over MHFA.

Wilt u meer te weten komen over MHFA én hoe u erfgoedcollecties kunt gebruiken in de zorgsector? Schrijf u dan in voor een van de cursussen uit het vormingstraject Erfgoedcollecties, gezondheid en welzijn.

Categorieën: Steunpunten

Een vluchtelingenshelter in het Yorkshire Sculpture Park

FARO - di 21/03/2017 - 12:24

Een veld met narcissen te midden van groene valleien, en druilerig weer. Op de achtergrond, verborgen tussen de bomen en soms meteen in het zicht, rijzen de grillige vormen van de kunstwerken van Tony Cragg de hoogte in. Ik ben in het Yorkshire Sculpture Park in Wakefield, voor de start van een week job shadowing onder het Erasmus+ programma van de Europese overheid. De trip zal mij en collega Hildegarde langs verschillende musea in Noord-Engeland brengen: Wakefield, Birmingham, Manchester en Liverpool. Op het programma staan gesprekken achter de schermen met Britse collega’s over thema’s als zorg, superdiversiteit, vluchtelingen, erfgoedgemeenschappen, duurzaamheid, fondsenwerving enzovoort.

Vandaag verken ik alvast het Yorkshire Sculpture Park. Terwijl ik door het openluchtmuseum wandel, zie ik in de verte een atypisch verschijnsel. Tussen de bomen blinkt iets wit. Het blijken witte zeilen te zijn. Dichterbij gekomen zie ik naast de zeilen ook doeken met het opschrift UNHCR. Zeilen en doeken blijken een tent te vormen, met bovenop een satellietschotel.

Shelter in het museum

Wanneer ik door de deur binnenstap, word ik verwelkomd door Hassan en Birra. Zij zijn de gastheren van Refuge/e, een van de twee vluchtelingenprojecten die momenteel in het park op touw gezet zijn. Refuge/e toont een shelter uit een vluchtelingenkamp in Libanon. Om de constructie zo realistisch mogelijk te maken, deden de makers van Amp Art een beroep op interviews met Syriërs in Libanese kampen, en gebruikten ze dezelfde materialen als in de vluchtelingenkampen. De tent werd ingericht met gipsen afgietsels van objecten die typisch in zulke tenten aanwezig zijn. In de tent kan je ook luisteren naar fragmenten uit de interviews, waarin vluchtelingen praten over hun dagelijkse ervaringen en hun strijd om een normaal leven te leiden door te koken, te poetsen, te leren ….

Birra vluchtte uit Kenia en woonde 20 jaar in een soortgelijk vluchtelingenkamp. Nu verblijft hij sinds 18 maanden in het Verenigd Koninkrijk. Hij vertelt me dat hij bij het project werd betrokken via een vluchtelingenorganisatie. Hassan uit Syrië, die in een kamp in Libanon verbleef, is 8 maanden in het Verenigd Koninkrijk. Hij stapt meteen op de bezoekers toe, heet hen welkom en wijdt hen in het leven van een vluchteling in.  

Ze vertellen me over hun motivatie om hun ervaringen te delen en het onderwerp bespreekbaar te maken, en over hun training. Zo werden ze enkele dagen gecoacht om als ervaringsdeskundigen mensen binnen te trekken in het verhaal van Refuge/e. Het is een heel bijzondere ervaring om hen te horen vertellen over het leven in een kamp, iets heel anders dan enkel de vertrekken te monsteren. Ze staan er wat kouwelijk bij terwijl de regen op het plastic zeil boven onze hoofden roffelt. Het kost hen niet veel moeite om de vrieskou uit het vluchtelingenkamp in herinnering te brengen. Beiden zijn fier op hun rol, en terecht: ze informeren en antwoorden op vragen van de bezoekers, ze dachten mee na over de inrichting van de tent, en maakten zelfs mee gipsen afgietsels van de gebruiksvoorwerpen die ze me trots tonen. Het is een mooi voorbeeld van een gemeenschappelijk project en empowerment van vluchtelingen.  

Kunst via e-mail

Refuge/e is een van de twee projecten over vluchtelingen. In Beyond boundaries: art by email, dat twee weken geleden afliep, werkte het museum op digitale wijze aan een artistieke expo door vluchtelingen. Omdat vluchtelingen-kunstenaars niet tot in het Verenigd Koninkrijk kunnen komen, niet weg kunnen uit het vluchtelingenkamp of onderweg zijn naar een veilige thuis, werden ze uitgenodigd om via e-mail hun werken in te sturen. Een van de inzendingen betrof zelfs de plannen voor het maken van een 3D-print.

Dat het Yorkshire Sculpture Park hiervoor ruimte en faciliteiten leent, is geen toeval. Janette Robinson, Head of Learning, vertelt me over de visie van de museumploeg en het aanbod van de publiekswerking. Wat dit museum bijzonder maakt, is de open blik op de wereld. Het museum ademt letterlijk en figuurlijk zorg en duurzaamheid uit. De groene open ruimte nodigt uit. Maar ook het aanbod van het learning department mag er wezen. Kernwoorden die tijdens het gesprek vaak terugkomen zijn duurzaamheid, impact en toegankelijkheid voor alle bezoekers. We hebben het over de programma’s gericht op het verhogen van het gevoel van welzijn en zelfzekerheid, over de focus van het museum op mindfullness, over the hidden forest ofwel het aanbod voor kinderen tot 2,5 jaar. De inspiratie en informatie uit dit gesprek zullen we nog verwerken en delen met collega’s uit Vlaanderen.

Categorieën: Steunpunten

De Nacht van de Geschiedenis in het teken van muziek

FARO - di 21/03/2017 - 11:20

Op dinsdag 21 maart 2017 is De Nacht van de Geschiedenis van het Davidsfonds aan zijn 15e editie toe. Die feesteditie staat helemaal in het teken van muziek: zo’n 200 Davidsfonds-afdelingen over heel Vlaanderen zetten die avond alles op haren en snaren om de deelnemers een onvergetelijke muzikale geschiedenisactiviteit te bezorgen. Vanaf dit jaar is er ook een gloednieuwe website die alle activiteiten bundelt.

Van jazz, folk, rock en pop tot gregoriaanse gezangen en polyfonie: de 15e editie van De Nacht van de Geschiedenis duikt de muziekgeschiedenis in en legt de klemtoon op uiteenlopende muziekstijlen. “Het thema muziek kwam uit de bus na een bevraging bij onze vrijwilligers,” vertelt algemeen directeur Tine Verhelst. “We vonden het belangrijk om hen te betrekken bij de feestelijke editie, en het thema leent zich daar perfect toe.”

Naast een scala aan genres, valt er tijdens De Nacht ook veel te ontdekken over het boeiende leven dat vele componisten hebben geleid. Rondleidingen, lezingen, concerten, theatervoorstellingen en tentoonstellingen over heel Vlaanderen brengen de muziekgeschiedenis op dinsdag 21 maart 2017 opnieuw tot leven.
 

Het programma vindt u hier.

Categorieën: Steunpunten

Inspiratie uit Gent: de vrijwilligersbeleidsplannen van MIAT en Huis van Alijn

FARO - ma 20/03/2017 - 18:38

Steeds meer erfgoedorganisaties willen hun vrijwilligersbeleid structureren en uitschrijven. Ook Huis van Alijn en MIAT hebben zich onlangs gebogen over hun vrijwilligersbeleid. Dit resulteerde in twee plannen die krachtig aantonen welke visie beide musea hanteren in hun vrijwilligerswerking, wat ze te bieden hebben aan hun vrijwilligers en hoe ze hen best ondersteunen. Ongetwijfeld ook inspirerend voor andere musea en erfgoedorganisaties!

MIAT en Huis van Alijn staan al langer gekend om hun uitgebreide en goed verankerde vrijwilligerswerking. Na verloop van tijd groeide evenwel de behoefte om langer stil te staan bij de vrijwilligerswerking. Beide musea schreven hun visie op vrijwilligerswerk uit in een plan, alsook hoe ze in de toekomst vrijwilligers willen vinden, motiveren en ondersteunen. Beide documenten tonen trouwens aan dat een vrijwilligersbeleidsplan geen vuistdik rapport hoeft te zijn, een beknopt document is vaak veel lees- én werkbaarder.

Zelf een plan schrijven?

Denkt u eraan om zelf een vrijwilligersbeleidsplan te schrijven? De brochure 'De vijf V’s van het vrijwilligersbeleid' helpt u op weg. Heemkunde Vlaanderen en FARO hebben deze brochure gepubliceerd in 2016, helemaal op maat van erfgoedorganisaties. 'De vijf V’s' zit boordevol met praktische tips om uw vrijwilligersbeleid op de sporen te zetten. De V’s staan voor de verschillende fases die een vrijwilliger normaal doorloopt binnen uw organisatie: vind, verwelkom, versterk, verbeter en een (begeleid) vertrek. Huis van Alijn en MIAT hebben zich alvast mede door deze brochure laten inspireren bij het uitschrijven van hun plan.

Meer weten?

Wilt u meer weten over de vrijwilligerswerkingen van MIAT en Huis van Alijn? De regionale televisie AVS maakte onlangs een portret van enkele vrijwilligers in het MIAT. Ook in onze inspiratiebundel 'Geweldig & Gewild' komen beide musea aan bod.

Download het vrijwilligersbeleidsplan van MIAT en van Huis van Alijn.

Categorieën: Steunpunten

Restauratie meesterwerk Hans Memling na zestien jaar afgerond

FARO - ma 20/03/2017 - 15:11

De restauratie van Hans Memlings meesterwerk, Christus met zingende en musicerende engelen, is na zestien jaar afgerond, zo meldt het KMSKA. Een bruine korst vuil kon enkel met een scalpel en microscoop verwijderd worden. Maar het resultaat was absoluut het wachten waard: de oorspronkelijke kleuren en prachtige motieven zoals Memling ze ooit bedoeld heeft zijn eindelijk terug aan de oppervlakte.

Kunstenaar Hans Memling (1430-1440 – 1494) werd in Duitsland geboren maar werkte voornamelijk in Brugge. Zijn stijl en schildertechniek sluiten nauw aan bij die van de Vlaamse Primitieven. Christus met zingende en musicerende engelen wordt toegeschreven aan Memling en bestaat uit drie monumentale paneelschilderijen. Het werk is slechts een onderdeel van wat ooit een reusachtig altaarstuk moet geweest zijn. Het werk werd aan het einde van de 15e eeuw vervaardigd in opdracht van de kloosterkerk Santa Maria la Real in het Spaanse Nájera en is een van de belangrijkste opdrachten die Memling ooit heeft gekregen. Gelet op de omvang van het stuk, werkte Memling vrijwel zeker met assistenten. De drie panelen maakten waarschijnlijk deel uit van het bovenste register, met daaronder een levensgrote Hemelvaart van Maria, geflankeerd door heiligen, apostelen en martelaren met onderaan een monumentaal retabel met predella of versierde basis en twee reliekschrijnen. Deze stukken zijn waarschijnlijk verloren gegaan. Uiteindelijk werden de paneelschilderijen in 1895 aangekocht door het Koninklijk Museum voor Schone Kunsten Antwerpen. Sedert 2009 staan de werken op de Topstukkenlijst. In die lijst wordt ook vermeld dat de panelen een waardevol document zijn voor de muziekwetenschappen vanwege de verschillende afgebeelde instrumenten en de informatie die daaruit kan afgeleid worden over de wijze waarop de instrumenten werden bespeeld.

De restauratie

De drie paneelschilderijen waren zestien jaar terug dringend toe aan restauratie. De verflaag was op verschillende plaatsen aan het bladderen en dreigde los te komen van de houten drager met materiaalverlies als gevolg. De geblokkeerde parketten aan de achterzijde van de panelen zorgden voor een beperking van de bewegingsvrijheid van de panelen waardoor onnodige spanningen werden veroorzaakt en schade kon ontstaan. Door de dikke korst vuil was de leesbaarheid van het schilderij ondermaats en verbleekte de uitstraling die de paneelschilderijen zouden moeten hebben.

In 2001 startte Lizet Klaassen samen met enkele collega’s de restauratie. In de loop van die zestien jaar is er veel veranderd. Bovendien dunde het team uit en sloot het museumgebouw voor restauratie. Daardoor verhuisde het restauratieatelier samen met de collectie schilderijen, beelden en werken op papier naar een extern depot. Ondertussen werkten de restauratoren ook aan andere restauratieprojecten. Maar ook de omvang van de drie paneelschilderijen, de sterke vervuiling en de complexiteit van de behandeling maakten van dit restauratieproject een werk van zo’n lange duur.

Het restauratieproject werd uitgevoerd in zeven stappen:

  • Met behulp van diverse onderzoekstechnieken verzamelde het team in een vooronderzoek informatie over de conditie en de schildertechniek van de kunstwerken. In juli 2001 werd het behandelingsvoorstel besproken, samen met een internationale multidisciplinaire begeleidingscommissie.
  • Om verdere schade te voorkomen en materiaalverlies tegen te gaan, werd de verflaag gefixeerd.
  • Het geblokkeerde lattensysteem aan de achterzijde van de panelen werd structureel behandeld om de spanningen die erdoor werden veroorzaakt, op te heffen.
  • Oppervlaktevuil, vergeelde vernislagen, verkleuringen, breed uitgevoerde retouches en calciumoxalaatkorsten werden verwijderd en de panelen werden uitvoerig gereinigd. Die reiniging werd ondersteund door verder onderzoek naar de vuillagen door de Universiteit Antwerpen, MOLAB en de National Gallery London.
  • Lacunes werden gevuld, en er volgde een eerste basisretouche met aquarel.
  • Na het aanbrengen van een eerste, dunne vernislaag volgde de afwerking van de retouches met een slotlaag.
  • In februari 2017 werd uiteindelijk het slotvernis aangebracht.


Tot slot wordt er nog gekeken welke lijst de panelen krijgen. Hiervoor zijn inmiddels proefstukken gemaakt. Geen eenvoudige klus, want de lijst bepaalt mee hoe het veelluik zal ‘gelezen’ worden.

Op de website Arttribute kunt u het filmpje ‘De memling restauratie, een marathon’ over de restauratie van Christus met zingende en musicerende engelen bekijken.

In 2019 opent het nieuwe museumgebouw van het Koninklijk Museum voor Schone Kunsten Antwerpen zijn deuren en zal u o.a. dit meesterwerk van Hans Memling terug kunnen bewonderen. Hiervoor is het nog even wachten, maar wie nieuwsgierig is, kan via de museumblog de verbouwingen en het nieuwe verhaal van het museum op de voet volgen. 

Afbeelding: Memling, Christus omringd door zingende engelen (inv 778) tijdens vernisafname (detail), Lukas art in Flanders, Rik Klein Gotink

Categorieën: Steunpunten

Opinie: Cultuur op de VRT

FARO - ma 20/03/2017 - 13:43

Vrijdag publiceerde De Standaard een opiniebijdrage van mijn hand met als titel ‘Cultuur op de VRT: liefde moet van twee kanten komen’. Verschillende cultuurorganisaties, waaronder OCE en het Overleg Vlaamse Musea, schaarden zich achter de bijdrage. We hernemen hier de integrale tekst van het stuk, mocht u het gemist hebben.

De openbare omroep moet aparte cultuurprogramma’s blijven maken, zegt Roel Daenen. En ‘cultuur’ moet daarbij ruim genoeg ingevuld worden.

Eergisteren verscheen in deze krant de kop ‘Cultuur op Radio 1: minder is alweer meer’ (DS 15 februari) . De aanleiding was het einde van het culturele zondagochtendprogramma Bar du matin op Radio 1. Het moet plaats ruimen voor De Ochtend – de actualiteit met andere woorden. Die houdt ook nooit op. Radio 1 schroefde sinds het einde van Joos in oktober 2013, en de komst van achtereenvolgens Bar du matin en sinds kort ook Culture Club, het cultuuraanbod van tien uur per week naar amper één uur terug. Dat doet wat denken aan het einde van Cobra.be. Dat was het digitale cultuurportaal van de VRT, een rijke schatkamer voor de in cultuur geïnteresseerde surfer. Cobra.be werd opgedoekt omdat het te veel kostte en er te weinig bezoekers waren. Het platform kreeg nooit echt de wind in de zeilen. Een mooi product dat grotendeels onder de korenmaat is gebleven.

Cobra.be startte onder Walter Couvreur, het vorige nethoofd van Radio 3/Klara. Die had destijds grote plannen met cultuur op de VRT. Hij blies het stof van Radio 3 en turnde het met zijn ploeg om tot Klara. Daarnaast ontwikkelde hij verschillende ontmoetingsmomenten tussen de programmamakers van de openbare omroep en de cultuursector, waaronder de CCC (de ‘Cellules Culturelles Combatantes’) en ‘de Salons’, momenten waarop samen gekeken werd naar inhoudelijke synergieën. De participatieve bottom-upweg, zeg maar. Iedereen kon zijn zegje doen, waarna er duizend bloemen konden bloeien. Of dat leidde tot veel resultaten, is maar de vraag.

Maar het gebeurde alleszins. Een grondige analyse maken van het cultuurbeleid van de VRT zou een mooie kluif zijn voor een communicatiewetenschapper. Hoe dan ook, dat is lang geleden.

Mentaliteitsomslag

Sinds de zomer van vorig jaar beschikt de VRT over een cultuurmanager, Chantal Pattyn. Haar kun je er niet van verdenken niet voor de zaak op te komen, maar ze sloeg een wat defensieve toon aan. Afnemende aandacht voor cultuur op de VRT? "Ik kan wiskundig bewijzen dat het omgekeerde waar is." Ongetwijfeld. Een zuurpruim zou dan kunnen zeggen dat je met cijfers en statistiek alles kunt bewijzen. En wie naar deredactie.be onder de tab ‘Kunsten’ – want daartoe wordt ‘cultuur’ verengd – kijkt, kan zich daar best iets bij voorstellen.

Het pleidooi dat de cultuurmanager van de VRT sinds haar aantreden houdt, komt erop neer dat er, in plaats van te investeren in ‘dure programma’s’ – al kun je je daar bij radio wel vragen bij stellen – en platforms die exclusief aan cultuur gewijd zijn, een mentaliteitsomslag nodig is bij de programmamakers. Elk programma op de VRT zou het ook kunnen of moeten hebben voor cultuur. Dit zei Pattyn vorig jaar, naar aanleiding van haar aantreden: "De emancipatie van cultuur kan zich maar voltrekken als je dat domein als vanzelfsprekend ziet. Radio- en televisiemakers schrikken vaak terug voor cultuuronderwerpen. Het moet begrijpelijk, zinvol en relevant zijn. Ligt de kijker of luisteraar er wel van wakker, vragen ze zich af? Het is mijn opdracht om niet alleen de cultuurverslaggevers maar ook de rest van de VRT-programmamakers ervan te overtuigen dat we er prioritair mee moeten omgaan (DS 9 juli 2016)."

A match made in heaven

Daar kan niemand tegen zijn. En uiteraard mag en moet cultuur in al die andere programma’s. Maar laten we wel wezen: er moet ook plaats kunnen zijn voor goed gemaakte cultuurprogramma’s. Als ze goed gemaakt zijn, is er per definitie ook plaats voor allerlei andere maatschappelijk relevante thema’s. Kijk maar naar de thema’s van succesvolle cultuurinitiatieven, zoals het Klarafestival (dat nu loopt) of tentoonstellingen in Kazerne Dossin of Museum Dr. Guislain. Maar onbekend maakt grotendeels onbemind.

We willen daarom de hand uitsteken, en de VRT uitnodigen om echt met de cultuursector in dialoog te treden. Over, bijvoorbeeld, het evoluerende veld van cultuur, kunst en cultureel erfgoed. Denk maar aan spannende archieven, grote en kleine meesters, tentoonstellingen in en buiten musea, immaterieel erfgoed en interessante cultuur van elke dag. Of aan prikkelende amateurkunsten, strips, bruisende jeugdcultuur, duurzaam design en meeslepende cybercultuur. Hoe kan The Arts Club meer een échte Culture Club worden? Dat is zonder enige twijfel a match made in heaven. Maar de liefde moet van twee kanten komen. Pattyn had het in haar interview vorig jaar ook over het feit dat we "meer Jan Muldersen nodig hebben". En over "meer passie en impact genereren". Welnu, laten we samen ploegen opstellen en spelen. Het voorbeeld van de BBC, die een ‘memorandum of understanding’ afsloot met de kunstensector, kan beslist mee inspireren.

Mee ondertekend door:

Patrick Allegaert en Olga Van Oost (Overleg Vlaamse Musea), Grete Cornelis en Martin De Loose (adjunct-directeur en directeur Neos), Jan Boulogne (algemeen adviseur Unizo), Vera Claes (nationaal secretaris zij-kant), Marc Jacobs (directeur FARO), Tom Joos (dienstchef Sociaal Cultureel Werk Gezinsbond), Leen Laconte (directeur Overleg Kunstenorganisaties), Leonie Lanssens (coördinator Vereniging Vlaamse Cultuur- en gemeenschapscentra), An Pauwels (projectcoördinator Curieus), Laure Roymans (projectcoördinator Stripgids), Bert Schoofs (directeur Vlaamse Volksbeweging), Pieter Teirlinck (coördinator Vrede), Jurgen Theunissen (directeur Curieus), Koen Van de Merckt (coördinator Vormingplus Waas-en-Dender), Karl Van den Broeck (hoofdredacteur Apache.be), Steven Vergauwen (algemeen secretaris International Commission of European Citizens), Lien Verwaeren (directeur Forum voor Amateurkunsten), Jan De Maeyer (voorzitter Overleg Cultureel Erfgoed) en Dirk Verbist (directeur Federatie sociaal-cultureel werk).

Lees ook de driedelige artikelenreeks die rekto:verso in 2015 publiceerde onder de noemer 'Kunst op de VRT' en Raats, T.; Van den Bulck, H. & d’Haenens, L. (Eds.) (2016). Een VRT voor morgen, of morgen geen VRT meer? Publieke omroep tussen politiek, publiek, partners en concurrenten. Kalmthout: Pelckmans

Categorieën: Steunpunten

Een Belgisch dorp aan de Thames

FARO - ma 20/03/2017 - 11:10

Op 1 april zal de Belgische ambassadeur in het Verenigd Koninkrijk in Richmond upon Thames een herdenkingsteken onthullen aan een voormalige Belgische munitiefabriek uit de Eerste Wereldoorlog. Het is tevens de start van een project dat het verhaal wil vertellen van de duizenden Belgische vluchtelingen die werkten en leefden in de buurt van de fabriek.

Op een bepaald moment vormden zo’n 6.000 oorlogsvluchtelingen een Belgian Village on the Thames met eigen winkels (foto). Het project omvat onder meer een tentoonstelling die vanaf 6 april drie maanden zal te zien zijn in het Twickenham Museum. Daarnaast zullen er naast het herdenkingsteken twee permanente informatieborden worden geplaatst en krijgt The National Archives middelen om de geschiedenis van het Belgische dorp aan de Thames verder te onderzoeken.

Categorieën: Steunpunten

Filmpje | Dementie: cijfers, onderzoek en uitdagingen

FARO - ma 20/03/2017 - 10:40

Wenst u op Erfgoeddag op een laagdrempelige manier duidelijk te maken wat de impact is van dementie, wat onderzoekers doen om het aan te pakken en welke uitdagingen er nog zijn? Dan kunt u gebruikmaken van onderstaand animatiefilmpje dat werd gemaakt door Alzheimer Research UK.

Categorieën: Steunpunten

Erfgoedwetenschappers in de kijker

FARO - ma 20/03/2017 - 10:20

Erfgoedwetenschappen is het toepassen van exacte wetenschappen in de erfgoedsector. Een fysicus bijvoorbeeld onderzoekt de eigenschappen van het materiaal waaruit een museumobject is gemaakt, met het oog op een zo goed mogelijke restauratie of bescherming. Ter gelegenheid van de Britse Wetenschapsweek, die liep van 10 t.e.m. 19 maart 2017, publiceerde het National Heritage Science Forum een reeks blogs van erfgoedwetenschappers.

Deze blogs geven op een toegankelijke manier inzicht in de verschillende vormen die erfgoedwetenschappen kunnen aannemen. Ook werpen ze een blik op de wijze waarop vrijwilligers kunnen worden betrokken. Zo vertelde Jacqueline Moon (foto) van The National Archives hoe ze exacte wetenschappen gebruikt voor de zorg voor de fotocollectie en de hulp die ze daarvoor krijgt van vrijwilligers.

Categorieën: Steunpunten

Sint-Niklaas 800: jubileumjaar en boek

FARO - ma 20/03/2017 - 10:08

Dit jaar viert de hoofdstad van het Waasland zijn 800e verjaardag. Een heel jaar lang wordt deze gebeurtenis onder de aandacht gebracht van inwoners en alle andere betrokkenen. Met een veelzijdig en feestelijk programma dat het publiek uitnodigt voor onder andere wandelingen, tentoonstellingen (met bv. ‘80 topstukken 1217-2017’, een internationaal colloquium, (bloemen- en reuzen)stoeten, en nog véél meer. Opmerkelijk is de netjes getimede publicatie van ‘Het boek van Sint-Niklaas’, van fotograaf-criticus en Sint-Niklazenaar Johan de Vos.

Mooi aan dit soort evenementen is dat het een kader biedt om initiatieven te bundelen en onder een aantrekkelijke noemer te vermarkten. Het geeft ook duidelijk een golf van energie, mee gegenereerd door het feit dat het feest door iedereen – individuen, organisaties, instellingen en de stad – kan worden meegemaakt. Letterlijk dan toch. De programmawebsite geeft daarvan alvast een mooi voorbeeld.

Het boek van de Vos, uitgegeven bij EPO, maakt geen deel uit van het officiële programma. De openingszinnen van het boek maken duidelijk dat ‘Het boek van Sint-Niklaas’ “geen klassieke liefdesverklaring” is: “De directe aanleiding voor dit boek is een verjaardagsfeest. […] Dat stoort me niet. Maar het was de prikkel die ik nodig had om de dingen die op mijn zenuwen werken ook te verwoorden. Daarbij gaat het niet over wat er die eerste 750 jaar gebeurde. Dat is voor mijn tijd. Het is voer voor historici. Mijn territorium is de binnenstad die ik bewoon en de dingen die ik met eigen zintuigen meemaak.”

Op de zenuwen

De dingen die op de Vos’ zenuwen werken. Ergernis, of, in de positieve variant, verwondering, zijn interessante uitgangspunten. Daarbij kaart hij onderwerpen aan die op de een of andere manier geladen zijn. En dus minder aan bod (kunnen) komen in de werking van erfgoedorganisaties. Omdat dat soort onderwerpen dan mogelijks kan botsen met het beleid, of oude wonden openrijten. Specifiek voor Sint-Niklaas – want daarover gaat dit boek – zoomt hij in op de beroemde ‘blokken van Amelinckx’, het architecturale landmark voor wie de stad vanuit de E17 nadert, of vanuit Mechelen/Temse komt. Maar ook: de Tweede Schoolstrijd en de restanten daarvan in het huidige onderwijslandschap. Alsook op “de slechte naam” die de stad heeft. En op de asbestproductie bij de grote bouwmaterialenfabrikant SVK en de vele slachtoffers die deze industrie heeft gemaakt.

De Vos observeert, neemt archieven door en gaat praten met mensen met kennis van zaken. Hij bezoekt kerken en een vrijmetselaarstempel, scholen, flaneert door de stad, bezoekt voetbalterreinen en musea, en waagt het zelfs om de Grote Markt over te steken. Daarbij maakt hij ook foto’s van de mensen waarmee hij praat en de plekken die hij bezoekt. En er is wel wat dat hem op de zenuwen werkt.

Lichte toetsen

Dat levert een impressionistisch boek op, boordevol spitse observaties, lichte toetsen en, voor wie wil, inhoudelijke suggesties om rond te werken. Soms blijft de Vos wat aan de oppervlakte dobberen, om dan iets verderop wat dieper op een onderwerp in te gaan. Bij een aantal interviews-gesprekken is dat jammer, omdat er duidelijk meer in zat.

Ons oordeel? Een erg leesbaar boek, dat uitnodigt om met gezonde nieuwsgierigheid naar Sint-Niklaas (of bij uitbreiding eerder welke) stad te kijken.

Johan de Vos, Het Boek van Sint-Niklaas, Epo, 2017, 208p., 20 euro. Voor de echte fans is er op 26 maart de 'Artistieke Coopertest Sint-Niklaas 12×12', een initiatief van WARP (‘Wase ARtistieke Projecten’).

Categorieën: Steunpunten

Welke impact streeft u eigenlijk na? Gebruik de agenda2030 als brainstormmateriaal

FARO - do 16/03/2017 - 11:06

Erfgoed heeft een intrinsieke waarde, daar zijn we het allemaal over eens. Toch is er meer: erfgoed heeft ook meerwaarde op andere maatschappelijke domeinen. Sterker nog: erfgoed kan bijdragen aan het realiseren van de grote maatschappelijke doelen. Deze blog vertelt u hoe u tijdens uw beleidsplanningsproces over die maatschappelijke impact kunt nadenken. Een gratis tool helpt u op weg.

Wat is impact?

Erfgoedorganisaties genereren output: tentoonstellingen, publicaties, studiedagen en netwerkmomenten. Die kunnen we tellen. Als we de tevredenheid van de deelnemers, lezers en bezoekers meten, dan weten we iets over de outcome: het directe effect van een inspanning. Impact gaat nog een stapje verder en kunnen we definiëren als de effecten die zich op lange termijn ten gevolge van een praktijk voordoen. Lastig om te meten, maar niet onmogelijk.

Op welke domeinen kunt u impact nastreven?

U heeft waarschijnlijk al eens gehoord van de triple P: people-planet-profit. De Verenigde Naties schuiven voor hun agenda2030 een model met 5 P’s naar voren:

  • People: de mensen. Geef hen de kans hun talenten ten volle te ontwikkelen en in menswaardige omstandigheden te leven.
  • Planet: duurzaam produceren en consumeren en acties ondernemen tegen de klimaatverandering.
  • Prosperity (welvaart): economische, sociale en technologische vooruitgang realiseren waar mens en planeet beter van worden.
  • Peace: het opbouwen van een vreedzame, rechtvaardige en inclusieve maatschappij, vrij van angst en geweld.
  • Partnership: dit soort doelen realiseren kan je niet alleen. Samenwerking is aangewezen.


Deze 5 doelen worden vervolgens verder toegelicht in 17 hoofddoelstellingen, onder andere over kwaliteitsvol onderwijs, armoede, leven in het water, leven op het land, vrede en veiligheid, schoon water en gendergelijkheid.

Waarom moet u dit meenemen in uw beleidsplanningstraject?

Omdat de wereld er beter van wordt! En omdat natuurlijk ook heel wat andere spelers in Vlaanderen en in het buitenland hier druk mee bezig zijn. Inspelen op deze doelstellingen biedt een gezamenlijke taal, die nieuwe partners met elkaar verbindt. Overheden, bedrijven en universiteiten zetten erop in. Zorg ervoor dat ze makkelijk linken kunnen zien tussen uw inspanningen en de hunne! Een overzicht van de activiteiten in Vlaanderen vindt u via: http://www.sdgs.be/nl/initiatives

Hoe kunt u hiermee aan de slag in uw beleidsplan? Een brainstorm van 1 uur

Denk niet te snel dat u geen impact kunt hebben op doelen als het beëindigen van de honger, het duurzaam gebruik van de oceanen of duurzame economische groei. Bekijk deze uitdagingen eens met een open blik tijdens een brainstorm met uw (plannings)team. Bijvoorbeeld bij het nadenken over de missie en de visie. Of bij het brainstormen over nieuwe activiteiten.

CIFAL Flanders ontwikkelde voor zo'n brainstorm handige werkbladen die u als bijlage bij dit bericht vindt. Print ze af op A3 en dan kunt u aan de slag. Meer info over de inhoud van de doelstellingen vindt u in deze brochure: hou die dus ook bij de hand.

Zet bij uw brainstorm de volgende stappen:

  • Bepaal de scope: gaat u nadenken over de impact van uw hele werking, of neemt u een aspect als uitgangspunt (bijvoorbeeld uw publiekswerking, uw depot of uw vrijwilligersbeleid)?
  • Zet die scope in het midden van de cirkel.
  • Bekijk eerst op het niveau van de 5 P’s waar u linken ziet (= de binneste ring van de Cifal-circel). Wat doet u al? En waar heeft u nog niet echt op ingezet? Sommige linken zijn vanzelfsprekend, voor andere moet u langer zoeken. Probeer toch bij elke van de 5 P’s een link te formuleren naar wat u concreet zou kunnen veranderen, of wat u zeker moet blijven doen.
  • Kijk vervolgens naar de 17 doelstellingen: welke doelstellingen kunnen uw activiteit of idee nog verder verrijken? Scan al een eerste keer wat er mogelijk is. Hier hoeft u nog niet na te denken over de haalbaarheid: het is de bedoeling dat u zoveel mogelijk ideeën oplijst.
  • Ga steeds opnieuw terug naar het hele overzicht. Het is namelijk de bedoeling om zoveel mogelijk blokjes met elkaar te verbinden en zo inclusief te werken. Wees dus niet tevreden als u linken met drie doelstellingen heeft gevonden, want er is vast nog veel meer mogelijk. De 17 doelstellingen zijn holistisch opgevat.
  • Sluit af met een conclusie: welke uitdagingen wil u echt aangaan? Welke van deze doelstellingen maken eigenlijk deel uit van uw missie? Wat wil u echt veranderen? En hoe wil u de link naar de agenda2030 duidelijk maken in uw beleidsplan?


Zo ontdekt u met een brainstorm van een uur meteen een aantal nieuwe ideeën of actiedomeinen voor uw beleidsplan. Nog veel beter zou het zijn om meer tijd uit te trekken en alle doelstellingen grondig te verkennen. Of om de lijst te herwerken tot een checklist die u bij elke activiteit ter hand kunt nemen. FARO zal, samen met tapis plein, de komende jaren in elk geval verder inzetten op deze doelstellingen, u tools aanreiken om er mee aan de slag te gaan en discussiemomenten organiseren. Beschouw dit blogbericht (en uw brainstorm) dan ook als een eerste kennismaking.

Meer over beleidsplanning?
  • Meer lezen over het opmaken van een beleidsplan? In ons basisrecept beleidsplanning vindt u criteria en een checklist.
  • Het FARO-ondersteuningsaanbod in het voorjaar van 2017 kunt u hier bekijken
  • We verzamelen continu leestips op een ZEEF pagina


Deze blog is de zevende in een reeks van beleidsplanningsblogs, u vindt deze terug via de tag beleidsplan2017.

Bijlage:  Cifal tool1 Bijlage:  Cifal tool2
Categorieën: Steunpunten

Misia’s missie gaat op speurtocht in het familieverleden

FARO - di 14/03/2017 - 16:51

Ieder kind heeft een uniek familieverhaal. Het pakket 'Misia’s missie' biedt nu een kant-en-klaar educatief pakket waarin kinderen uit de tweede graad lager onderwijs kunnen kennismaken met de boeiende wereld van de familiegeschiedenis. De centrale figuur in dit educatief pakket is Misia, die op zoek gaat naar haar eigen familiegeschiedenis en zo meer te weten komt over haar bekende grootvader Adrien François Servais. Gedurende zes lessen neemt ze de leerlingen mee op speurtocht.

Het lessenpakket bestaat uit zes lessen die elk een eigen deelthema hebben.

  • Mijn familieboom: de kinderen maken kennis met het personage Misia en haar familie en ze vullen hun eigen familieboom in.
  • Op speurtocht in het verleden: in deze les komen de leerlingen de opa van  Misia, François Servais, op het spoor. Ze vinden wie hij was en hoe hij leefde. Op die manier ontdekken de leerlingen dat men vroeger anders leefde dan vandaag.
  • Archiefbezoek: de kinderen komen in contact met een archief, de functies van een archief en het werk van de archivaris. De les bestaat uit twee delen: een voorbereiding in de klas en een opdracht in het archief zelf (optioneel).
  • Familienaam: in deze les wordt stilgestaan bij de betekenis van een voor- en familienaam. Daarnaast maken de leerlingen ook hun eigen wapenschild.
  • Eigen familiegeschiedenis: de leerlingen zoomen in op de eigen familiegeschiedenis. Wat zijn de leerlingen thuis te weten gekomen? Er komen enkele grootouders naar de klas, ze kunnen door de leerlingen geïnterviewd worden.  
  • De herinneringsdoos: de leerlingen ontdekken evoluties aan de hand van muziek, kledij en foto’s. Ze krijgen ook tijd en ruimte om aan een herinneringsdoos te werken.


Na het doorlopen van het educatieve lessenpakket hebben de leerlingen antwoorden gekregen op de vraag ‘wie ben ik en waar kom ik vandaan?’. Aan de hand van hun eigen familiegeschiedenis is bovendien het tijdsbesef gegroeid. De kinderen maken eveneens kennis met het speurwerk dat bij historisch onderzoek hoort en leren meer over het belang van het bewaren van archiefmateriaal.

Het pakket werd ontwikkeld door een samenwerking van verscheidene erfgoedorganisaties met specialisatie in familiegeschiedenis: Stadsarchief Halle - den Ast, vzw Servais, Gemeentearchief Dilbeek, Familiekunde Dilbeek, Familiekunde Vlaanderen en Erfgoedcel Pajottenland Zennevallei in samenwerking met het expertisecentrum Onderwijsinnovatie VIVES campus Tielt.

Het educatief pakket is gratis online beschikbaar.

Bron: Familiekunde Vlaanderen

Categorieën: Steunpunten

Erfgoedprijs provincie Antwerpen 2017 zoekt held(in) in erfgoed

FARO - di 14/03/2017 - 14:25

Bent u of kent u een heldin in erfgoed? Komt uw project in aanmerking voor de Erfgoedprijs 2017 van de provincie Antwerpen? Stel nu uw heldendaad en kandideer voor de editie 2017.

De Erfgoedprijs 2017 van de provincie Antwerpen bekroont jaarlijks een initiatief dat het rijke erfgoedverleden van de provincie in de verf zet. Alle opmerkelijke erfgoedprojecten tussen januari 2016 en 31 maart 2017 komen in aanmerking. Ook personen die in hun carrière, professioneel of als vrijwilliger, een opmerkelijk parcours in de erfgoedsector hebben gelopen maken een kans. De belangrijkste voorwaarde is een hechte band met de provincie Antwerpen. Kandidaten moeten er geboren zijn, wonen, werken of studeren. Zij kunnen zich vanaf nu aanmelden tot en met 29 mei via ‘Erfgoedprijs 2017’ op www.provincieantwerpen.be.

Meer informatie vindt u hier.

Categorieën: Steunpunten
Inhoud syndiceren